Recepten

Gekonfijte Citroen

Gekonfijte, of ingemaakte citroen is een smaakmaker uit Noord-Afrika. Citroenen werden vroeger ingemaakt in zout om ze langer te kunnen bewaren. Dat hoeft nu niet meer, maar dat gebeurt nog wel voor die specifieke smaak en structuur.

De smaak van de fris-zure citroen verandert door het pekelen. De schil wordt zacht en krijgt een zoetere intense citroensmaak. Gekonfijte citroen smaakt fruitig, zilt-zoet en heeft een licht bittertje van de schil. Meestal gebruik je alleen de schil en snijd je het vruchtvlees ervan af. Maar kookfenomeen Ottolenghi liet zien dat je in sommige gerechten ook het vruchtvlees kunt gebruiken. Dankzij hem is dit ingrediënt ook een stuk populairder geworden. 
 
Je koopt gekonfijte citroenen bij de toko, Arabische buurtsuper maar tegenwoordig ook gewoon in de supermarkt. Als je ze niet kunt vinden, kun je ze ook heel makkelijk zelf maken. Het enige dat je nodig hebt is een weckpot, 6 biologische citroenen en 200 gram grof zeezout.  

Bereiding:

Snijd de citroenen kruislings in, alsof je vier parten maakt, maar snijd ze niet helemaal door. Wrijf de citroenen aan alle kanten goed in met het zout en stop ze in een gesteriliseerde weckpot. Duw de citroenen goed aan, zodat alles met zout is bedekt. Bewaar de pot op een koele, donkere plek. Het enige dat je nu nog nodig hebt is geduld. De citroenen zijn zeker twee jaar houdbaar, zolang je de pot na gebruik weer goed afsluit.  

Gebruik: 

Haal een citroen uit de weckpot met een schone lepel en spoel af zodat er geen zout meer aan zit. Snijd de schil ervan af. Deze kun je nu in ragfijne reepjes snijden en gebruiken in een gerecht. Gekonfijte citroen vind je veel terug in klassieke Noord-Afrikaanse gerechten zoals tajine met kip en olijven en tajine met lamsvlees en groenten. Je kunt ze ook in een salsa gebruiken, fijnmalen in een dressing of saus of meebakken met vis of vlees.